Toespraak VOS tijdens de Gebroeders Van Raemdonckherdenking op 25.03.2017

Bestuurder Karel Uyttersprot spreekt de aanwezigen toe namens VOS. 25.03.2017
Toespraak door Karel Uyttersprot (foto), bestuurder Vlaamse Vredesvereniging VOS en coördinator herdenkingen Gebroeders Van Raemdonck

Herdenking 100 j Gebroeders Van Raemdonck, (en Amé Fiévez), Diksmuide 25.3.2017

“Wenend stond de droeve moeder
Onder ’t kruis van haren zoon.
En ze bleef er, lang als allen
Weg reeds waren naar hun woon.

Straks zal weer het daglicht komen
Op de bergen purper-rood.
Doch de dag is zwart als nachten,
Want haar zoon, haar al is dood.” (Mater Dolerosa – FVR)

Vlaamse vrienden, Waalse vrienden, geachte ….(opsomming), Welkom

Hier te lande sneuvelden 100 jaar geleden, 600 000 soldaten van alle rassen en volkeren; hier kuisten de oorlogspaden van soldaten van 50 verschillende nationaliteiten en 5 continenten. Allen helden die de oorlog niet wilden of verafschuwden;

Jammer genoeg heeft de wereld deze les nog niet geleerd en blijven terreur, fanatisme en haat ons dagelijks leven beïnvloeden.

Conflict, tegenstellingen en verdeeldheid bracht de soldaten, op gezag van hun heersers, naar hier en zijn hebben allen één eigenschap gemeen: hier lieten zij hun jonge leven.

Vandaag gedenken wij er drie, dus 599 997 onder hen niet. Of Wel ? Zeker wel.

Allen gedenken is onmogelijk. Daarom kiezen wij symbolen; symbolen die omwille van hun voorbeeldfunctie bijdragen tot het collectief geheugen van de wereld en van Vlaanderen.

Symbolen waren en zijn belangrijk. Zeker toen, als men weet dat het overgrote deel der gewone soldaten ongeletterd was. Zelf kom ik uit een klein Denderdorp. Aan de kerk hangt een VOS gedenkplaat met 11 gesneuvelden, op één priesterstudent na, allen niet geletterde arbeiders en boeren.

Vorige week herdachten wij reeds de GVR te Temse en later korporaal Amé Fiévez mede-strijder en strijdmakker van de GVR, te Calonne/Antoing.

Maar vandaag gaat de meeste aandacht naar Frans en Edward Van Raemdonck, omwille van hun voorbeeldrol die zij gespeeld hebben in WO I op een aantal vlakken, die aan deze Toren zo belangrijk zijn:

“Nooit meer Oorlog – Godsvrede – Zelfbestuur, het IJzertestament”; maar zij gaan ook de geschiedenis in omwille van hun “broederliefde”; “tot de dood ons scheidt”.

Beiden vertrokken op 4 augustus te Temse met veel idealisme en enthousiasme, respectievelijk op 17- en 19-jarige leeftijd als oorlogsvrijwilligers naar het leger om te gaan vechten tegen de Duitse belegeraar. Aangespoord door de oproep van de Koning: Vlamingen herdenk de slag der gulden sporen! Voor vorst en Vaderland. Het zou een korte strijd worden werd voorspeld, maar het werd 4 j.

Zij stamden uit een Vlaamsgezinde familie, waar cultuur een belangrijke plaats innam. Zij waren reeds “confederalisten” avant la lettre.

Hun idealisme en inzet werd vrij vlug bekoeld als zij geconfronteerd werden met de hautaine, Franstalige legerleiding, die de taal van de gewone piot niet begrijpt en hem bevelen geeft in de taal die hij niet verstaat. Vernedering en achteruitstelling waren hun deel. Frans en Edward, die zelf uit de begoede burgerij kwamen hadden wél gestudeerd en konden moeilijk akkoord gaan met zoveel onrecht; dit kwam tot uiting op menig vlak. Zij werden lid van de Vlaamsgezinde Studiekringen, die later door de Franstalige legerleiding verboden werden wegens ‘te Vlaams’.

De verontwaardiging groeit met de dag. Deze evolutie is vooral merkbaar in de brieven van Edward, maar vooral uit de brieven van Frans, naar “kozzen” Clemens De Landtsheer en uit zijn gedichten.

Edward was de vrolijke optimistische levensgenieter;

Frans de gevoelige intellectueel, de denker, die zijn gemoedsgesteltenis uitschreeuwt in menig gedicht. Dit is soms melancholisch en liefdevol, naar zijn lief en naar zijn streek en volk. Hun hunkeren naar vrede, hun heimwee en verlangen naar een vredevol Temse en Vlaanderen wordt ondubbelzinnig en telkenmale beschreven.

Merkwaardig dat deze mannen op zo’n jonge leeftijd reeds blijk gaven van grote eruditie en intellect.

Maar in gelijke mate groeit ook de afkeer voor de oorlog en de achteruitstelling van de Vlaamse piot.

“‘k Weet mannen die lijden en die men verstoot;
Die streven en strijden en kampen zich dood
Voor vrijheid, gelijkheid in recht en taal.
’t Zijn mannen met spieren, met “willen” van staal.”(‘k Weet mannen- FVR)

Kentekenend hierbij is dat de brieven van Frans in de beginne steeds eindigden met “Leve België”, dit evolueerde al vlug naar “Leve Vlaanderen”.

“ De strijd moet gestreden worden !
De strijd tegen alle vijanden van land en volk:
Wij moeten alles trotseren, zelfs de dood…
En als ik val, dan eerst voor Vlaanderen, en België daarachter”. (zonder titel; FVR, sept 23.9.1916)

Maar zij gaan ook de geschiedenis in omwille van hun broederliefde.

Deze komt ontegensprekelijk tot uiting wanneer Frans op 26.3.1917 niet terugkomt van een aanval op het Stampkot te Steenstrate, een oude petroleumopslagplaats waar de Duitsers zitten. Frans geraakte gewond bij een aanval in een loopgraaf in Niemandsland, een van de meest bevochten plekken in WOI. Wanneer hij niet verschijnt op de plaats waar zij afgesproken hadden, gaat Edward hem, tegen de bevelen in, zoeken. 18 dagen later worden zij gevonden op het slagveld, samen met korporaal Amé Fiévez.

Bijzondere uiting van broederliefde tussen Edward en Frans, en de grote dienstvaardigheid onder de drie, wars van rang stand of afkomst. Samen verenigd in een kist, in een graf. Vrede , verdraagzaamheid, solidariteit.

“Te saam vereend          In vreugd en nood
Als d’ eene sterft          De andere dood.”

De broederliefde van Frans en Edward werd ook vereeuwigd in een aangrijpende tekening van die andere oorlofsvrijwilliger en symbool, Joe English.

Hun nagedachtenis werd bijzonder in ere gehouden door hun kozijn Clemens De Landtsheer, eveneens uit Temse, vele jaren secretaris van het IJzerbedevaartcomité. Temse heeft blijkbaar speciaal Vlaams bloed in de genen: Karel Aubroeck, beeldhouwer van oa de beelden op de PAXpoort, de Vlaamsgezinde priester Edward Poppe, Pieter Van Rossem, Octaaf Bulterys,… .

De historische schets van de GVR en deze Temsenaars werd door burgemeester Luc De Ryck uitmuntend te boek gesteld in “Terug naar Niemandsland”.

De Vlaamse Vredesvereniging VOS nam het voortouw inzake een aantal herdenkingen.

De VOS, werd opgericht in 1919, door een aantal overlevende frontsoldaten. Opzet was: de nagedachtenis van deze oorlogsslachtoffers en IJzersymbolen in ere houden, en de verdere uitvoering geven aan hun IJzertestament: Nooit meer oorlog en Zelfbestuur;

Voor Vlaanderen en Vrede.

Ik had het genoegen de vele initiatieven van de verschillende instanties te mogen coördineren, en kijk met genoegen naar deze samenwerking met Stads- en gemeentebesturen van Temse, dank burgemeester en schepenen voor uw gastvrijheid, Ieper, Antoing, het OVV Temse, de GVR Kring St-Niklaas en Aan de IJzer.

De Gebroeders Van Raemdonck blijven, nu 100 jaar later, in ons collectief geheugen voortleven als bijzondere IJzersymbolen,

Edward omwille van zijn onvoorwaardelijke broederliefde,

Frans voor zijn strijd tegen de verdrukking van de Vlaamse piot, tegen de verdrukking van taal en volk ,als symbool van dek Vlaamse bewustwording.

Zij, samen met de andere IJzersymbolen en vele onbekenden, hebben zij het zaad van de Vlaamse ontvoogding doen ontkiemen.

Ik dank u voor uw aandacht.

Karel Uyttersprot
Bestuurder Vlaamse Vredesvereniging VOS
Coördinator herdenkingen Gebroeders Van Raemdonck
Diksmuide 25.3.2017

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *