Toespraak Karel Uyttersprot, bestuurder VOS nationaal tijdens de Renaat De Rudderherdenking in Evergem (08/10/2017)

SDC12946

Geachte genodigden,

1914 Wereld Oorlog I breekt uit.
Het leger wordt in paraatheid gebracht, reservisten worden gemobiliseerd de Koning doet een oproep tot vrijwilligers om zich aan te bieden: Vlamingen herdenk de Slag der Gulden Sporen, voor Wallonië wordt een appel gedaan op de 600 Franchimontezen. Duizenden jonge Vlamingen geven hieraan gehoor: arbeiders, boeren, studenten, scholieren, priesters,… Kerels als Frans Kusters, Juul De Winde, de Gebroeders Van Raemdonck, Filip De Pilleceyn, Joe English, zovele anderen, en … Renaat De Rudder, samen met 4 vrienden uit Landegem.

Renaat De Rudder is uitgegroeid tot één van de belangrijkste IJzersymbolen, omwille van de onbaatzuchtige dienstbaarheid voor zijn volk.

Hij werd geboren te Oostakker op 11 december 1897, in de Meulestraat (nu Ledergemstraat), als oudste van 5 kinderen. In augustus 1905 werd zijn vader, die eerst voerman was, tuinman hier, in het kasteel van Wippelgem (Evergem) . Hij liep er ook school .
De eigenaar van het kasteel, Alfred baron de Neve de Roden, verongelukte samen met zijn echtgenote bij één van de eerste treinongevallen. Ze werden met hun koets door een voorbijrijdende trein gegrepen. Zij waren kinderloos en de familie De Rudder diende noodgedwongen uit te kijken naar een andere werkgelegenheid.

Dit vonden zij in 1909 op het kasteel van Mr. De Kerckhove d’Ousselghem te Landegem (Nevele). Het gezin vestigde er zich in het hoveniershuis, dat nog steeds bestaat. Renaat volgde er les en kreeg vanaf 1910 gedurende twee jaar onderricht in Latijn van de onderpastoor.
In 1912 begon Renaat, die priester wilde worden, zijn humaniorastudies aan het, in die tijd eentalig Frans Sint-Vincentiuscollege, te Eeklo. Hij werd lid van de Vlaamse Studentenbeweging, waarvan Filip De Pillecijn toen algemeen voorzitter was.
Toen de oorlog uitbrak beëindigde Renaat net de vierde Latijnse klas. De 12de oktober 1914 trok hij met 4 kameraden naar Brugge om zich te laten inlijven als oorlogsvrijwilliger.

Wat bezielt een jonge man, van amper 16 ½ jaar oud, om naar het front te trekken tegen de bezetter, de vijand? Niet opgeleid, onervaren, ongetraind, tegen een goed uitgerust bezettingsleger?
Zij trokken samen ten strijde tegen de overweldiger, onder de leuze “Voor vorst en Vaderland”, voor de Koning en voor België.
De oorlog zou niet lang duren, amper zes weken. Hij duurde 4 jaar ! Hier in de Westhoek sneuvelden 600 000 soldaten , uit 5 continenten en 50 landen, waaronder ook 10 000en Vlamingen.
De frontervaring en ontgoocheling werden groot. Gestart met veel idealisme en overtuiging, werd al gauw duidelijk dat de overgrote meerderheid van de piotten gewone Vlaamse jongens waren, boeren en arbeiders waarvan velen niet of amper konden lezen of schrijven. De legerleiding daarentegen en zeker de legertop, bestond voor het overgrote deel uit een Franstalige elitaire kaste, met weinig begrip voor de Vlaamse soldaat, van wie hij de taal niet kende en die hij in het Frans commandeerde.

Uit brieven en gedichten van deze Fronters lezen wij de stijgende verontwaardiging tegen het onrecht. Waar hun brieven aanvankelijk eindigden met Leve de Koning en Leve België, evolueert dit gauw naar Leve Vlaanderen. Gedreven door idealisme werden Renaat en vele Vlaamse vrienden met hem, meegesleurd in de tredmolen van de oorlog, met zijn loopgrachten, verblindende fusees, de angst voor de dood, de morele achteruitgang en de fysische aftakeling van de mens, de vernederd omwille van hun Vlaamse identiteit.

Renaat De Rudder : “Het is droevig te zien en te hooren het schreeuwend onrecht dat ons wordt aangedaan. Tot op ons zwart soldatenkruis, belijdenis van ons offer, staat alles in ’t Frans. En mijn hart bloedt bij het hooren van de ergerende woorden, die onze oversten uitspreken als hun verachting in onbewaakte ogenblikken naar boven welt: “Sales Flamands”.”( brief RDR 19.9.1916 aan zijn vriend Henri Van Laere)

In 1916 richtte hij een studiekring op om soldaten moreel en intellectueel bij te staan. Dit waren bijeenkomsten doorgaans in een achterkamer van een café, waar zij hulp en vertroosting zochten bij elkaar en hulp boden bij het schrijven van brieven. Deze studiekringen werden na enige tijd verboden, wegens te Vlaams. En viel er legercontrole binnen tegen deze “subversieve Vlaamse bijeenkomsten”, dan gaven ze zich uit als het bestuur van de Bond van het Heilig Hart…
Hij trad toe tot de Frontbeweging, stichtte het frontblaadje De IJzerkerels , om streekgenoten aan te moedigen zich niet te buiten te gaan aan immoreel gedrag, waardering op te brengen voor volk en taal en om informatie over thuis te brengen . Hij werd door zijn makkers een Heilige genoemd.

Hij werkt mee aan de publicaties van de Vlaamsgezinde bladen Ons Vaderland en De Belgische Standaard .

Op 11 juli 1917 kwam de “Open brief aan de Koning”, een in het geheim verspreid vlugschrift, waarbij Vlaamse soldaten hun vertrouwen stelden in de koning, maar ook gerechtvaardigde Vlaamse rechten opeisten.
De militaire overheid beschuldigde de flaminganten van hoogverraad, defaitisme en muiterij.
In de compagnie van Renaat De Rudder werd een onderzoek bevolen en op 14 augustus 1917 werd hij gevangen gezet. Onder druk van medesoldaten werd hij vrijgelaten.

‘k Ben voor Vlaamschgezindheid en om een boekje “Vlaanderens Weezang” te lezen gegeven te hebben (dat nochtans nooit als verboden in mijne Kompanie is afgelezen) in ’t Cachot gesptampt en na 20 uren gevang vrijgelaten geweest. Ik heb nu een ernstig verhoor ondergaan alsook velen mijner vrienden. Ik zal er ernstig tegenwaaien en voor den krijgsraad gedaagd worden. (Brief RDR 31.7.1917).

Tijdens een nachtelijke patrouille op 17 december 1917, waarvoor Renaat zich vrijwillig meldde, werd hij door ‘friendly fire’ , een Belgische kogel, neergeschoten. De juiste omstandigheden zijn nooit opgehelderd. Bij zijn aankomst in het krijgshospitaal kreeg hij hevige pijn en fluisterende hij nog: “Ik wist niet dat een mens zo kon lijden maar, alles voor Vlaanderen, en Vlaanderen voor Kristus”. Doet steeds uw plicht.

Hij overleed, amper 20 jaar oud.
Renaat werd begraven op het krijgskerkhof van Westvleteren op 21 december 1917.
Enkele dagen voor zijn dood, schrijft hij een opmerkelijke brief aan zijn moeder. Dit was zijn laatste brief en wordt ook als zijn testament gezien:

‘Gaan offeren heb ik mij voor Vlaanderen, en voor Vlaanderen heb ik geleden en gestreden, en als ’t moet zal ik sterven. Voor God en Vlaanderen, voor Altaar en haardstee. Dit is de leuze die waait in mijn banier. Ik minde u allen met blakende liefdeherte. O, kon ik in mijn woorden iets leggen van de liefdegloed die mij hert verteert… Dit zijn misschien mijn laatste woorden. Moeder, wees uw zoon waardig en ween niet, ik heb ook niet geweend toen ik de dood voor ogen zag… in Vlaanderens weiden…’

De derde IJzerbedevaart, in 1922 ,vond plaats aan het graf van RDR en tijdens de IJzerbedevaart van 1932 werd hij bijgezet in de crypte van de IJzertoren.
Wij herdenken hem in de crypte van de IJzertoren op zijn sterfdag op 17.12.2017 te Diksmuide.

Velen sneuvelden, de maar Fronters die terugkwamen waren gedégouteerd door de oorlog , de slechte behandeling door hun oversten, wilden vrede en gelijke rechten.
Zij verenigden zich in VOS, nu VOS Vlaamse Vredesvereniging, onverdroten, bijna 100 jaar actief rond dezelfde idealen. Wij voeren hun testament uit : Godsvrede, Zelfbestuur en Nooit meer Oorlog.
Zij richtten voor hun makkers monumenten en gedenkplaten op, en een aantal IJzersymbolen kregen een straat of plein dat naar hen genoemd werd. Zo ook Renaat de Rudder, met een straat in Oostakker, Landegem, Roeselare,Edegem Kortrijk, Evergem en monumenten in Evergem, Landegem en aan de Paxpoort te Diksmuide. Wij pleiten er voor om in de gemeenten, waar een dergelijk plein of straat is, om dit in de scholen aan te grijpen om hierover les te geven.

Wij zijn hen dankbaar, want hier werden de kiemen gelegd van de Vlaamse Beweging en de eis naar zelfbestuur.
Een eis die 100 jaar en zes staatshervormingen later, en ook al is het einddoel nog niet bereikt, geleid heeft tot een Vlaanderen dat tot een van de meest welvarendste regio’s van de wereld behoort.
Dank voor uw aandacht.

Toespraak: Karel Uyttersprot, bestuurder VOS nationaal en coördinator herdenkingen Bloemen voor Helden
Evergem 8.10.2017

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *