Interview Guido Moons en Steven Vergauwen

Het Vlaams zelfbestuur krijgt langzamerhand vorm, maar het werk is nog lang niet af. Omdat Europa almaar meer onze agenda bepaalt, dringt zich een bundeling op van onafhankelijkheidskrachten over de grenzen heen. Daarop speelt de Vlaamse Volksbeweging (VVB) in met haar Europees project. Hierover praatten we met voorzitter Guido Moons (GM) en directeur Steven Vergauwen (StV).

Waarom gaat de VVB de Europese toer op?

GM: België is geen eiland. Niet alleen wij Vlamingen hechten belang aan zelfbestuur. In Europa komen nog tientallen andere volkeren op voor meer autonomie. Met die lotgenoten onderhouden we al vele jaren contacten. Pioniers als Willy Kuijpers en de betreurde Walter Luyten hebben het pad geëffend. Ze waren kind aan huis bij historische minderheden en hebben ze met raad en daad bijgestaan. Hun idealisme werkt nog altijd aanstekelijk. Maar in hun hoogtijdagen was de tijd nog niet rijp voor een gestructureerde aanpak. Zeker nu het Europese democratische deficit zich steeds sterker laat voelen, zitten de omstandigheden thans wel mee voor een flinke sprong voorwaarts.

Laat zelfbestuur de Europese leiders niet koud?

StV: We zullen commissievoorzitter José Manuel Barosso en co wakker schudden. Alles kwam in een stroomversnelling toen begin maart 2009 duizenden Catalanen in Brussel manifesteerden voor onafhankelijkheid en lidmaatschap van de Europese Unie. Daar kon niemand naast kijken. We verklaarden ons solidair met de betogers en stapten mee op. De contacten tussen Vlaanderen en Catalonië verdiepten. De banden werden verder aangehaald toen het Algemeen Nederlands Zangverbond op het zangfeest van 2010 een forum bood aan Anna Arqué, ankervrouw van de Catalaanse independisten. Wij namen de gelegenheid te baat en benaderden de Catalanen voor een duurzame samenwerking. Vanaf toen ging het snel. Samen met de Catalanen en Schotten stichtten we het EPI, het European Partnership for Independence, een samenwerkingsverband van volkeren die streven naar onafhankelijkheid.

Waarvoor staat het samenwerkingsverband?

GM: Onafhankelijkheid van de partners binnen Europa, vanuit de vaststelling dat we niet meer buiten de Europese context kunnen. Een groot deel van het VVB-takenpakket bestond en bestaat erin om te fungeren als waakhond om de pijnpunten van de Belgische politiek aan te kaarten op het publieke forum en – indien mogelijk – in de media. Dat blijft belangrijk. Dag in dag uit zullen we alert moeten blijven, zoals de ongelukkige ‘oplossing’ voor het dossier Brussel-Halle-Vilvoorde aantoont. Fransdolle burgemeesters zoals Myriam Rolin van Sint-Genesius-Rode steken de draak met de schijnsplitsing. Wat de Vlaamse onderhandelaars onthaalden als een godsgeschenk, motiveert franskiljonse burgemeesters als Rolin om de Vlamingen te blijven jennen. Met TAK en de hele Vlaamse beweging zullen wij deze provocateurs de wacht blijven aanzeggen. Tegelijkertijd mogen we de ogen niet sluiten voor het Europese niveau. In heel wat domeinen bepaalt de EU vrijwel volledig hoe het er aan toe gaat. Daarom moeten we ook de Europese toer op. Maar dat kunnen we niet alleen. De Unie is een kolos waarin het Vlaamse verhaal verzinkt. Om onze stem te laten horen moeten we gelijkgezinden aanspreken. Zo kwamen we tot ons samenwerkingsverband met Catalanen en Schotten, waarvan sinds kort ook de Basken deel uitmaken. Met vereende krachten staan we sterker om ons gezamenlijke doel te bereiken: onafhankelijkheid binnen een Europees kader.

Maar laat Europa die ruimte wel?

GM: Het zal wel moeten. Het taboe op het zelfbeschikkingsrecht moet dringend de wereld uit. Zelfbestuur, streven naar onafhankelijkheid is een volkomen democratisch en legitiem streven. In de 19de eeuw bevrijdden tal van volkeren zich van het juk van vreemde overheersers. Die romantische vrijheidsstrijd spreekt nog altijd tot de verbeelding. Denk maar aan de strijd van de Balkanvolkeren en de Arabieren tegen de Ottomanen. Bovendien kunnen wij terugvallen op het internationaal recht zoals dat na de Tweede Wereldoorlog werd uitgewerkt in verdragen en resoluties van de Verenigde Naties. Onder meer het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten uit 1966 inspireert ons. Dat verdrag stuurt aan op een evenwicht tussen rechten en plichten op individueel en op groepsniveau.

Zijn, ondanks het gemeenschappelijke doel, de verschillen tussen de partners in het EPI niet te groot voor een krachtdadige werking?

GM: Het voluntarisme van het slag van Guy Verhofstadt, die ons met de hulp van de hem nog altijd erg welwillende media blijft bestoken met allerlei voorstellen die kant noch wal raken, is ons vreemd. Waar een wil is, is niet altijd een weg. Maar dat geldt niet voor het EPI. Het samenwerkingsverband heeft wél vaste grond onder de voeten. Er zijn inderdaad verschillen tussen ons en onze partners. Maar die wegen niet op tegen onze gelijklopende doelstellingen. We delen eenzelfde geschiedenis van discriminatie in velerlei opzicht, cultureel, sociaaleconomisch en politiek. In een aantal gevallen was die achterstelling eerder subtiel, in andere gevallen botter dan bot. In Vlaanderen is bijvoorbeeld weinig bekend hoe zeer de Basken en Catalanen hadden te lijden onder het terreurregime van Francisco Franco. De Spaanse dictator liet duizenden opposanten zonder enige vorm van proces executeren, waaronder heel wat Basken en Catalanen vanwege hun verzet tegen het centrale gezag in Madrid. Die wonden zijn nooit geheeld en verklaren de Baskische terreurdaden in het verleden.

Vloekt het Baskische terrorisme niet met de vreedzame Vlaamse ontvoogding?

StV: Voor alle duidelijkheid: toen het EPI werd opgestart was het Baskisch vredesproces al een feit. Binnen het EPI kantten we ons principieel tegen elke vorm van geweld. Maar we zijn niet naïef. De geschiedenis leert ons dat geweld tegengeweld oproept. Ook na het Franco-tijdperk hebben de Basken zwaar te lijden gehad onder Madrid. Hun toestand was zo dramatisch dat sommige groepen uit verweer naar wapens grepen. Zij zagen zich als vrijheidsstrijders, Madrid zag hen als terroristen. Trouwens, ondanks de koersverandering van de Basken gaan de folteringen in de Spaanse gevangenissen ook nu gewoon verder door. Maak je geen illusies.

Het hangt er maar vanaf vanuit welke hoek je er naar kijkt?

GM: Als volksnationalist houd je het op vrijheidsstrijders. Je kan toch niet neutraal blijven tegenover het onnoemelijke leed dat bijvoorbeeld de Koerden – om dat sprekend voorbeeld te nemen – wordt aangedaan? Het grondgebied van Koerdistan strekt zich uit over verschillende staten, waaronder NAVO-lid Turkije. De Koerden zijn er als het ware vogelvrij en ondergaan er discriminaties allerhande, tot staatsterreur met moordpartijen toe. Dat heeft velen tot gewapend verzet gebracht. Van op afstand, vanuit een knusse zetel, kan je dat makkelijk veroordelen. Maar als je rechtstreeks wordt geconfronteerd met het immense lijden en verdriet van nabestaanden is het moeilijk om dat standpunt te handhaven. Voor de koloniale grootmachten van weleer is het bijzonder pijnlijk dat ze door hun verdeel- en heerspolitiek en bewuste loochening van etnisch-culturele en religieuze grenzen aan de basis liggen van vele burgeroorlogen. Ook België gaat hierin niet vrijuit. Het draagt een grote verantwoordelijkheid in het ontstaan van de conflicten in zijn voormalige kolonies in het gebied van de Grote Meren. Dit terzijde werken wij binnen het EPI nadrukkelijk op een vreedzame wijze, binnen een democratische context.

Wat betekent dat in de praktijk?

StV: Dat elke partner probeert in eigen land een politieke meerderheid voor onafhankelijkheid te behouden of te winnen. In Baskenland, Catalonië en Schotland verkeren ze al in die luxepositie. Al betekent dat niet dat de zaak dan is beklonken. Vorig jaar behaalde de Schotse Nationale Partij (SNP) een absolute meerderheid in het Schotse parlement. De SNP streeft openlijk naar de Schotse onafhankelijkheid, maar ze heeft de meerderheid van de Schotten nog niet overtuigd dat onafhankelijkheid de oplossing is. Ook in Catalonië is er een politieke meerderheid voor onafhankelijkheid, maar daar is de toestand complexer omdat de voorstanders van onafhankelijkheid intern verdeeld zijn. Catalonië wordt momenteel bestuurd door een coalitie van de centrumrechtse nationalisten van de CiU-Union en de Madridgezinde regionale tak van de conservatieve Partido Popular. Andere nationalistische partijen zitten er in de oppositie. Maar de voorstanders van de onafhankelijkheid boeren er goed. Vorig jaar nog boekten ze grote vooruitgang bij de plaatselijke verkiezingen, waardoor ze er zelfs in slaagden Barcelona na 45 jaar socialistisch bestuur in nationalistische handen te krijgen.

Die politieke meerderheid hebben we in Vlaanderen vooralsnog niet?

GM: Voorlopig verkeren we inderdaad nog in een minderheidspositie. Enkel de N-VA en het Vlaams Belang bekennen zich tot ons ideaal. Maar voor confederalisme is wel een meerderheid gewonnen, omdat ook de CD&V en Open VLD daar achter staan. Tenminste op papier, want beide partijen gedragen zich niet consequent bij regeringsonderhandelingen. Als zij de daad bij het woord zouden voegen, leefden wij nu al in een confederaal land. En dat zou neerkomen op de Copernicaanse omwenteling waarover Vlaams minister-president Kris Peeters het zo graag heeft. Maar voor alle duidelijkheid: de VVB wil zich niet laten paaien door het confederalisme. De VVB trekt voluit de kaart van de Vlaamse onafhankelijkheid. Hoe dikwijls hebben we al vanuit allerlei hoeken moeten horen dat we schoon schip moeten maken in ons institutioneel kluwen door artikel 35 van de grondwet maximaal in te vullen? Helaas daagt er ook met de 6de staatshervorming geen licht aan de horizon.

Is de Vlaamse bevolking er misschien nog niet rijp voor?

GM: Wanneer je merkt welke Vlaamse politieke families schijnbaar gewonnen zijn voor de idee van het confederalisme zou je kunnen denken dat een meerderheid in Vlaanderen het confederalisme voorstaat. Maar daar plaatst de VVB een groot vraagteken bij. Is men het om te beginnen in al die partijen wel eens over hoe de term confederalisme concreet wordt ingevuld? Maar de tegenkrachten hebben een onevenredig machtige stem in de media en het culturele veld. Uit onderzoek naar het stemgedrag van journalisten blijkt een sterke oververtegenwoordiging in voorkeur voor sp.a en Groen. En laat dat nu net de partijen zijn met een grote koudwatervrees voor confederalisme, laat staan onafhankelijkheid. Veruit de meeste journalisten lopen niet warm voor communautaire aangelegenheden. Als ze dan toch spitse en ludieke acties verslagen, focussen ze op acties van bijvoorbeeld GAIA en veel minder van TAK. Onder de zogenaamde culturele elite overheerst evenzeer een anti-Vlaamse strekking. Auteurs zoals Tom Lanoye en kunstenaars zoals Luc Tuymans krijgen gelegenheden bij de vleet om hun gal te spuwen op Vlaamse activisten. Telkens weer voeren ze een hele resem drogredenen ten tonele, bijvoorbeeld dat Vlaanderen in de geglobaliseerde wereld te klein zou zijn om te overleven. We kunnen hen enkel The Size of Nations van Alberto Alesino en Enrico Spolaore aanbevelen. In deze bestseller tonen de auteurs aan dat kleine staten juist uitermate geschikt zijn om de uitdagingen van de globalisering met de nodige flexibiliteit te beantwoorden.

Bij een bekende cineast als Jan Verheyen hoor je een heel ander geluid?

GM: Jan Verheyen kijkt zonder oogkleppen naar onze situatie. Hij doorziet dat de eis tot meer Vlaanderen geen kwestie is van navelstaarderij, maar van democratische noodzaak. Hij beseft dat de staatshervormingen door de invoering van bijzondere meerderheden en andere grendels de Vlaamse meerderheid hebben geminoriseerd. Maar in de culturele wereld behoort hij tot de uitzonderingen. Het contrast met bijvoorbeeld Schotland kan niet scherper zijn. Daar steunt de culturele elite openlijk de independisten. Sterren zoals Annie Lennox, zangeres van The Eurythmics en de nog bekendere acteur Sean Connery laten er geen twijfel over bestaan: Schotland moet onafhankelijk worden. Ook in Baskenland en Catalonië komt er veel steun voor de regionalisten uit artistiek-culturele middens. In tegenstelling tot bij ons, kunnen zij ook steunen op grote sociale organisaties zoals vakbonden. Er is bij ons nog werk aan de winkel.

Welke concrete acties staan er op stapel?

StV: Het jaar 2014 wordt een sleuteljaar. Bij ons zijn er de verkiezingen voor de deelstaten, het federale niveau en Europa. In Schotland wordt in hetzelfde jaar een referendum over de onafhankelijkheid georganiseerd. De Catalanen zullen uitgebreid stilstaan bij 300 jaar bezetting. Allemaal gelegenheden waarbij de aandacht zal worden getrokken op de eis tot zelfbeschikking. Om die focus te versterken hebben we in de lente van dit jaar het zogenaamde European Citizens Initiative opgestart. Met dit initiatief vanuit de basis willen we afdwingen dat de Europese Commissie en het Europees Parlement zich zullen buigen over het recht op zelfbeschikking.

Zijn daaraan geen voorwaarden verbonden?

StV: De condities zijn niet mals. Zo moeten we in minimum 7 landen 750 handtekeningen per Europees parlementslid behalen. Voor België komt dat neer op een kleine 17.000 handtekeningen. Daarenboven moeten we in totaal minimum 1 miljoen handtekeningen sprokkelen. We hebben goede hoop dat we hierin zullen slagen. Daarvoor zullen we onze actie concentreren op België, Finland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Italië, Oostenrijk en Spanje. In het vooruitzicht daarvan zullen we onze partners bij elke gelegenheid een hart onder de riem steken. Zo zal de VVB op 22 september deelnemen aan een door een burgerforum georganiseerde March and Rally for Scottish Independence in Edinburgh. Wie dat wil meemaken kan best zo snel mogelijk contact nemen met het VVB-secretariaat. Nuttig, inspirerend, bemoedigend en leerrijk. Doen dus!

Guy Leemans