Toespraak Herdenking Renaat De Rudder 9 december 2017 te Oostakker door Karel Uyttersprot

DSC_9743
© Kathleen Van Hamme
DSC_9710
DSC_9741
© Kathleen Van Hamme

Geachte schepen, voorzitters, geachte mandatarissen, genodigden, Vlaamse vrienden,

99 jaar geleden eindigde een zinloze oorlog, waarin 65 miljoen soldaten uit bijna 50 landen en 5 continenten, tegen elkaar stonden. 9.5 miljoen soldaten verloren het leven; 5.5 miljoen geallieerden en 4 miljoen Centralen.

In de Westhoek stonden de legers tegenover elkaar en lieten 700 000 jonge mannen het leven.

Onder de geallieerden ook de Belgische soldaten waarvan 70 % Vlamingen.
Wij brengen hulde aan allen die vochten voor onze vrijheid en voor de waarden van de verlichting.

Uiteraard schenken wij speciale aandacht aan de Vlaamse Frontsoldaten.

Zij trokken naar het leger, velen als vrijwilliger, amper 16, 17,18 jaar oud en gaven gevolg aan de oproep van de Koning: “Vlamingen gedenk de stag der Gulden Sporen” en aan onze Zuiderburen “Walen gedenk de slag der 600 Franchimontezen”.

De oorlog zou niet lang duren, amper zes weken. Hij duurde 4 jaar!

Zij trokken samen ten strijde tegen de overweldiger, onder de leuze “Voor vorst en Vaderland”, voor de Koning en voor België.
De frontervaring en ontgoochelingen werden groot.
Gestart met veel overtuiging, werd al gauw duidelijk dat de overgrote meerderheid van de piotten, gewone Vlaamse jongens, boeren en arbeiders waren, waarvan velen niet of amper konden lezen of schrijven.

De legertop daarentegen , bestond voor het overgrote deel uit een Franstalige elitaire kaste, met weinig begrip voor de Vlaamse soldaat, van wie hij de taal niet kende en die hij in het Frans commandeerde. Aan de Vlaamse piotten werden de slechtste karweien toebedeeld, ze werden dagelijks uitgescholden, waren ontheemd en ploeterden in de modder van de loopgraven en ondergingen de vernederringen omwille van hun Vlaamse identiteit.

De reactie tegen deze wantoestanden bleef niet uit en had dan ook een sterk sociaal karakter.
Want een aantal onder hen had wél gestudeerd of was nog student. Onder hen ook Franstalige Vlamingen. Zij namen het voortouw in het verzet tegen het onrecht en vernederingen.

Zij groeiden uit tot onze IJzersymbolen: Firmin Deprez, Joe English, Juul De Winde , Hubert Willems, Lode De Boninge, Frans Van der Linden. Anderen overleefden en zetten deze sociale strijd na de oorlog verder: professor Daels, Filip De Pilleceyn, Hendrik Borginon, en zovele anderen.

In 1917, juist 100 jaar geleden sneuvelden: Frans Kusters, Frans en Edward Van Raemdonck en …Renaat De Rudder.

Hij werd geboren te Oostakker, 120 jaar geleden, op 11 december 1897, in de Meulestraat (nu Ledergemstraat), als oudste van 5 kinderen. In augustus 1905 werd zijn vader, die eerst voerman was, tuinman in het kasteel van Wippelgem (Evergem) . Hij liep er ook school.

De eigenaar van het kasteel, Alfred baron de Neve de Roden, verongelukte samen met zijn echtgenote bij één van de eerste treinongevallen Zij waren kinderloos en de familie De Rudder diende noodgedwongen uit te kijken naar een andere werkgelegenheid.

Dit vonden zij in 1909 op het kasteel van Mr. De Kerckhove d’Ousselghem te Landegem (Nevele).
In 1912 begon Renaat, die priester wilde worden, zijn humaniorastudies aan het, in die tijd eentalig Frans Sint-Vincentiuscollege, te Eeklo. Hij werd lid van de Vlaamse Studentenbeweging, waarvan Filip De Pillecijn toen algemeen voorzitter was.
De 12de oktober 1914 trok hij met 4 kameraden naar Brugge om zich te laten inlijven als oorlogsvrijwilliger.

Wat bezielt een jonge man, van amper 16 ½ jaar oud, om naar het front te trekken tegen de bezetter, de vijand? Niet opgeleid, onervaren, ongetraind, tegen een goed uitgerust bezettingsleger?

Renaat De Rudder is uitgegroeid tot één van de belangrijkste IJzersymbolen, omwille van de onbaatzuchtige dienstbaarheid voor zijn medesoldaten en zijn volk.

Uit brieven en gedichten van deze Fronters lezen wij de stijgende verontwaardiging tegen het sociale onrecht aan het front. Waar hun brieven aanvankelijk eindigden met Leve de Koning en Leve België, evolueert dit gauw naar Leve Vlaanderen.

Renaat De Rudder : “Het is droevig te zien en te hooren het schreeuwend onrecht dat ons wordt aangedaan. Tot op ons zwart soldatenkruis, belijdenis van ons offer, staat alles in ’t Frans. En mijn hart bloedt bij het hooren van de ergerende woorden, die onze oversten uitspreken als hun verachting in onbewaakte ogenblikken naar boven welt: “Sales Flamands”.”(brief RDR 19.9.1916 aan zijn vriend Henri Van Laere).

In 1916 richtte hij een studiekring op om soldaten moreel en intellectueel bij te staan. Dit waren bijeenkomsten doorgaans in een achterkamer van een café, waar zij hulp en vertroosting zochten bij elkaar en hulp boden bij het schrijven van brieven. Deze studiekringen werden na enige tijd verboden, wegens te Vlaams.
Hij trad toe tot de Frontbeweging, stichtte het frontblaadje De IJzerkerels, om waardering op te brengen voor volk en taal en met informatie over thuis.
Hij werd door zijn makkers een Heilige genoemd.

Op 11 juli 1917 kwam de “Open brief aan de Koning”, een in het geheim verspreid vlugschrift, waarbij Vlaamse soldaten hun vertrouwen stelden in de koning, maar ook gerechtvaardigde Vlaamse rechten opeisten.
De militaire overheid beschuldigde de flaminganten van hoogverraad, defaitisme en muiterij.
In de compagnie van Renaat De Rudder werd een onderzoek bevolen en op 14 augustus 1917 werd hij gevangen gezet voor het verspreiden van Vlaamse publikaties. Onder druk van medesoldaten werd hij vrijgelaten.

Tijdens een nachtelijke patrouille op 17 december 1917, waarvoor Renaat zich vrijwillig meldde, werd hij door ‘friendly fire’,een Belgische kogel, neergeschoten. De juiste omstandigheden zijn nooit opgehelderd.
Hij overleed, amper 20 jaar oud.
Renaat werd begraven op het krijgskerkhof van Westvleteren op 21 december 1917.
Enkele dagen voor zijn dood, schrijft hij een opmerkelijke brief aan zijn moeder. Dit was zijn laatste brief en wordt ook als zijn testament gezien:

Gaan offeren heb ik mij voor Vlaanderen, en voor Vlaanderen heb ik geleden en gestreden, en als ’t moet zal ik sterven. Voor God en Vlaanderen, voor Altaar en haardstee. Dit is de leuze die waait in mijn banier. Ik minde u allen met blakende liefdeherte. O, kon ik in mijn woorden iets leggen van de liefdegloed die mij hert verteert… Dit zijn misschien mijn laatste woorden. Moeder, wees uw zoon waardig en ween niet, ik heb ook niet geweend toen ik de dood voor ogen zag… in Vlaanderens weiden…’

De derde IJzerbedevaart, in 1922 ,vond plaats aan het graf van RDR en tijdens de IJzerbedevaart van 1932 werd hij bijgezet in de crypte van de IJzertoren.
Wij herdenken hem in de crypte van de IJzertoren op zijn sterfdag op 17.12.2017 te Diksmuide.

Velen sneuvelden, maar de Fronters die terugkwamen waren gedégouteerd door de oorlog , de slechte behandeling door hun oversten, wilden vrede en gelijke rechten.
Zij verenigden zich in VOS, nu VOS Vlaamse Vredesvereniging, die onverdroten, bijna 100 jaar actief is rond dezelfde idealen.
VOS voert hun testament uit : Godsvrede, Zelfbestuur en Nooit meer Oorlog.
Zij richtten voor hun makkers monumenten en gedenkplaten op, en een aantal IJzersymbolen kregen een straat of plein, naar hen genoemd werd. Zo ook Renaat de Rudder, met een straat in Oostakker, Landegem, Roeselare,Edegem Kortrijk, Evergem en monumenten in Evergem, Landegem en aan de Paxpoort te Diksmuide.
Wij zijn verheugd vandaag een gedenkplaat te kunnen onthullen hier in Oostakker, geboorteplaats van RDR. Bijzondere dank hiervoor aan het Davidsfonds, de Heemkring Oud-Oostburg en VOS Oost-Vlaanderen, en aan de eigenaars van de woning.
Wij pleiten er voor om in de gemeenten, waar een dergelijk plein of straat is, om dit in de scholen aan te grijpen om hierover les te geven.

Wij zijn allen die vochten voor onze vrijheid bijzonder dankbaar; Een bijzondere dank ook aan de Vlaamse Fronters, want hier werden de kiemen gelegd voor de Vlaamse Ontvoogding en de eis naar zelfbeschikking en “Nooit meer Oorlog”.
Een eis die 100 jaar en zes staatshervormingen later, en ook al is het einddoel nog niet bereikt, geleid heeft tot een Vlaanderen dat tot een van de meest welvarendste regio’s van de wereld behoort.

Dank voor uw aandacht.

Toespraak: Karel Uyttersprot, bestuurder VOS nationaal en coördinator herdenkingen Bloemen voor Helden
Oostakker 9.12.2017 Foto’s: Kathleen Van Hamme