Sterkste schouders moeten zwaarste lasten dragen

Sociale uitsluiting en achterstelling zijn van alle tijden. Op 11 november herinneren we daaraan vanuit verschillende invalshoeken. Op tal van plaatsen herdenken we de slachtoffers van de Grote Oorlog. In het bijzonder gedenken we de discriminatie en het lijden van de Vlaamse soldaten aan het IJzerfront 1914-18. En we pleiten andermaal voor zelfbeschikking en een vreedzame conflictbeheersing. Maar 11 november is bij het grote publiek even of nog meer bekend van 11.11.11, de jaarlijkse inzamelactie van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging. Elk jaar weer organiseert die beweging op 11 november haar grote solidariteitsactie met de Derde Wereld. Dit jaar focust 11.11.11 op Centraal-Afrika. Daarbij wil het de millenniumdoelstellingen van de Verenigde Naties om de wereldwijde armoede tegen 2015 sterk terug te dringen een duw in de rug geven. De Vlamingen hebben dergelijke acties altijd genereus ondersteund.

Armoede dring je echter niet terug door uitsluitend te appelleren aan de welwillendheid van Jan modaal. Daarom tracht de Noord-Zuidbeweging ook te wegen op het beleid. Onder druk hiervan stelde de regering zich tot doel om dit jaar 0,7% van het BNP aan ontwikkelingshulp te besteden. Of dat cijfer wordt gehaald, is zeer de vraag. Maar zelfs als dit niet gebeurt, moet Vlaanderen niet met schaamrood op de wangen staan. Al tientallen jaren transfereert het jaarlijks miljarden euro’s naar het zuiden van dit land, wat het welvaartsniveau van Brussel en Wallonië merkelijk verhoogd. Je zou verwachten dat Franstalig België Vlaanderen voor deze solidariteit erkentelijk zou zijn. Het tegendeel is echter waar. Ook vandaag nog krijgt Vlaanderen stank voor dank. In Brussel en enkele faciliteitengemeenten wordt de taalwet gedurig overtreden en de Vlaamse grenzen worden voortdurend aangevochten.

Armoedebestrijding, zowel op Vlaams als op wereldniveau, vergt structurele maatregelen. En consequente maatregelen die de lasten doen rusten op de breedste schouders. Op spontane initiatieven van multimiljonairs moet je niet rekenen, al verwierven ze hun fortuinen niet zelden door twijfelachtige praktijken. Het onwezenlijke imperium van Bil Gates bijvoorbeeld steunt op het quasi monopolie van Microsoft in de softwarewereld. Bij ons dikte de onbetwistbare nummer een, Albert Frère, zijn vermogen aan dankzij belastinggeld dat de putten van de zieltogende Waalse staalnijverheid moest dempen.

Er bestaat geen weerwerk tegen de concentratie van rijkdom in te weinig handen. In de Verenigde Staten is 40% van de middelen in handen van 1% van de bevolking. Bij ons is het nog niet zo dramatisch. Maar alles wijst er op dat de inkomensongelijkheid verder toeneemt. Verontrustend is dat ook de armoede bij de werkende bevolking aangroeit. Al bijna 5% van de mensen met een baan leeft in armoede. En met grote besparingen voor de boeg is de kans groot dat dit percentage nog zal oplopen. De overheid zou dan ook alles in het werk moeten stellen om de zwakkeren te beschermen en het geld te gaan halen waar het zit.

Spijtig genoeg handelt onze overheid juist averechts. In april van dit jaar ging de regering, ondanks grote bezwaren van de Inspectie van Financiën, akkoord met het financiële eisenpakket van de Fifa voor de organisatie van het WK-voetbal in België en Nederland in 2018. Tegen alle regels in werd het parlement hierover niet geraadpleegd. De sportbonzen zullen niet verarmen. Voor deze panem et circenses – brood en spelen – zal de gewone man de rekening betalen. De Nederlandse Stichting Economisch Onderzoek becijferde al dat het WK 2018 Nederland bij enige tegenval makkelijk een miljard euro kan kosten. Het zal de appartsjiks van de Fifa niet deren. Zelfs in tijden waarin de gewone man wordt gevraagd om de broeksriem stevig aan te halen strijkt de best betaalde voetballer ter wereld Lionel Messi op één jaar 33 miljoen euro op. Dat is het fatsoen vér voorbij.

Philippe Haeyaert
Algemeen voorzitter
November 2010

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *