Vlaamse beweging houdt vlam van Vlaamse natie brandend

Bart De Wever laat er geen gras over groeien. ‘De enige bijdrage die de Vlaamse beweging vandaag nog kan leveren aan een onafhankelijk Vlaanderen, is ophouden te bestaan’, aldus de N-VA-voorzitter (De Morgen, 23 oktober jl.). Een straffe uitspraak, waarmee hij Vlaanderen in de voet schiet.

Waartoe dient de Vlaamse beweging, vrij van partij en staat? Vlaams zelfbestuur ligt als antwoord voor de hand. N-VA bewijst dat je daar partijpolitiek resultaat mee kunt scoren. België barst eerder in de onderhandelingskamer dan op de IJzerbedevaart.

Het bestaansrecht van de Vlaamse beweging is dat het onafhankelijk Vlaanderen een gezicht geeft. Een besef van waar de natie vandaan komt, van wat het nu bijeenhoudt. Neem de Eerste Wereldoorlog, waarin de achtergestelde Vlamingen voor België vochten. Dat lijkt dode geschiedenis, tot onafhankelijk Vlaanderen door de NAVO gevraagd wordt troepen te sturen ter ondersteuning van een land dat minderheden uitbuit.

N-VA alleen kan de vlam van het Vlaams-nationalisme niet brandend houden. Het is een politieke partij, die burgers ook bedienen wil met belastingverlaging en goede infrastructuur. Zelfbeschikking overstijgt als ideaal politiek. Het kijkt voorbij het reilen en zeilen van het schip naar de bestemming.

De Wever is een groot bewonderaar van de Britse politicus Edmund Burke. Wij herinneren hem graag aan Burkes lof op de ‘little platoons’, de gemeenschappen die het kleine – folkloristische parades – koesteren uit liefde voor het grote – een gezonde natie. Zonder de Vlaamse beweging verdwijnt dat kleine en dreigt Vlaams-nationalisme een bloedeloos streven te worden naar zo min mogelijk afdracht aan Wallonië.