Toespraak Ledendag 100 jaar VOS door Ivo Coninx, algemeen voorzitter VOS

100 jaar VOS

Het Verbond der Vlaamse Oud-strijders, kortweg VOS, werd opgericht in 1919 en viert vandaag zijn honderdjarig bestaan. De kiemen werden echter eerder gelegd in de loopgrachten van het IJzerfront. De vernederingen en het misprijzen waarvan de Vlaamse soldaten, vooral de ‘piotten’ herhaaldelijk het slachtoffer werden, zorgden voor het ontstaan van de Frontbeweging die verplicht was om in het geheim te werken, want staatsgevaarlijk.

Een aantal van de leidende figuren werd onder de oorlog verbannen naar strafkampen. Mede door het eindoffensief werd de Frontbeweging gedesorganiseerd en sneuvelden enkelen van hun voormannen. Daarom ontstonden er na de wapenstilstand op 11 november aan Vlaamsgezinde zijde alleen plaatselijke initiatieven.

Toen hun gevangen gezette voormannen in mei 1919 uit Frankrijk terugkeerden, werden de krachten gebundeld.

De Vlaamschen Oudstrijdersbond was geboren en de naam werd later veranderd in Verbond der Vlaamsche Oudstrijders. Op 1 augustus 1919 verscheen het eerste nummer van het bondsblad De VOS. Het doel was de behartiging van de oud-strijdersbelangen, de verdediging van de Vlaamse zaak en het antimilitarisme.

Zo werden er krachtige eisen gesteld aan de regering inzake oorlogsvergoedingen en oud-strijdersstatuut. De oud-strijdersbetogingen van juli 1920, met als hoogtepunt de bestorming van het parlement op 29 juli, leverden het beoogde succes op. Sinds toen werden er die grote dranghekken geplaatst aan het Parlement. Het oprichten in 1920 van een coöperatieve, die tegen voordelige prijzen verbruiksgoederen aan de oud-strijders aanbood verhoogde de stormloop naar VOS. Dankzij dit beleid werd VOS in Vlaanderen de grootste oud-strijdersvereniging met 750 afdelingen en 80.000 leden.

Tegelijkertijd werd er gepleit voor de vernederlandsing van de Gentse universiteit, voor amnestie en voor zelfbestuur. Vanaf 1920 kwam het antimilitarisme erbij door de afsluiting van het Frans-Belgisch Militair Akkoord, dat op veel tegenkanting stuitte.

Als goede Vlaamse vereniging konden scheuringen niet uitblijven. De feitelijke vereniging VOS werd een vzw, ook om eigengereide initiatieven ten voordele van persoonlijke belangen in te tomen.

Er ontstond een tweestrijd tussen maximalisten en minimalisten, die respectievelijk de voorrang gaven aan flamingantische en pacifistische motieven. De flaminganten wilden Vlaamse legerafdelingen, de pacifisten wilden om principieel-pacifistische redenen helemaal geen Vlaamse legereenheden. Deze onenigheid zorgde voor een dieptepunt van 10.000 leden in 1927. Onenigheid is nooit goed.

Een nieuwe bestuursploeg legde de basis voor een heropleving geholpen door de doorbraak van het Vlaams-nationalisme in 1928-1929. De vernederlandsing van de Gentse universiteit werd beklemtoond en er werd opnieuw meer nadruk gelegd op de stoffelijke belangen van de oud-strijders. Door de uitmuntende kennis van algemeen secretaris Karel De Feyter werd een uitstekend dienstbetoon uitgebouwd en werden talrijke wetsvoorstellen gelanceerd.

Een aantal dochterorganisaties werden opgericht of nieuw leven ingeblazen: VIB (Vlaamsche Invalidenbond), VVOS (vrouwenorganisatie), JVOS (jeugd) en VZAB (Bond van Vlaamsche Opgeëischten en Weggevoerden of Vlaamsche Zivilarbeiter Brigaden). Ook de culturele werking kreeg nieuwe impulsen. Het ledental steeg in 1928 tot 14.000, om in 1929 na de verkiezingen spectaculair te stijgen.

De dienstweigeraars werden gesteund door VOS. De ene deed dit met pacifistische motieven en wilde helemaal geen leger meer, de andere had Vlaams-nationale motieven en wilde Vlaamse Regimenten. Beiden vonden onderdak bij VOS.

VOS ijverde voor een federaal Europa, gebaseerd op de economische samenwerking van alle volkeren en met respect voor ieders culturele zelfstandigheid. Op deze wijze dacht men tevens een duurzame vrede te kunnen grondvesten.

Let op: we zijn nog maar in 1933 en VOS ijvert voor een federaal Europa, gebaseerd op de economische samenwerking van alle volkeren en met respect voor ieders culturele zelfstandigheid.

Vanaf 1935 kwam VOS tot een ongekende bloei en werd het een van de leidende groeperingen van de Vlaamse Beweging, waarbij de belangen van het Vlaamse volk steeds een doorslaggevende rol speelden.

Van 1935 tot ’37 werd een “Los van Frankrijk”-campagne gevoerd om ons uit het te verwachten conflict tussen Frankrijk en Duitsland te houden. De prestigewinst voor VOS was enorm. Vanaf 1936 had het regelmatig contact met de opeenvolgende regeringen.

In 1937-1938 verschoof de klemtoon van de pacifistische campagne naar “landsverdediging met niet-militaire middelen”. Toen in september 1939 de oorlog uitbrak, pleitte men voor een strikte neutraliteit, in de hoop Vlaanderen zo uit het conflict te houden.

In 1939 waren er terug 29.000 leden.

De bezetting

Tijdens de Duitse inval riep VOS zijn dienstplichtige leden op de aanvaller te bestrijden: het zelfstandig voortbestaan kreeg voorrang op het pacifisme.

VOS koos resoluut partij voor de koning in zijn conflict met de regering en onderhield contacten met Hendrik de Man, de partijvoorzitter van de Belgische Werkliedenpartij. Wij mogen hierbij niet de ogen sluiten voor het feit dat er in het begin van de Tweede Wereldoorlog aardig op los gecollaboreerd werd door alle partijen. De communisten sinds de invasie van Polen door Duitsland en de Sovjet-Unie in 1939, in Italië waren de fascisten al sinds 1922 aan de macht, topfiguren van de BWP met hun partijvoorzitter deden mee, het koninklijk huis ging onderhandelen met Hitler.

VOS zag hierin het beste middel om een culturele Vlaamse zelfstandigheid en een duurzame vrede te vrijwaren en hervatte zijn activiteiten onder de Duitse bezetting. Ten gevolge van het te lenigen oorlogsleed sloten tienduizenden nieuwe leden zich aan.

In april 1941 werd VOS officieel tot een autoritaire organisatie omgevormd. Op Duits verzoek werd in mei 1941 door VOS de Vlaamsche Wacht opgericht. VOS vatte de Vlaamsche Wacht op als een supplementaire rijkswacht, terwijl de bezetter de Vlaamsche Wacht van in het begin als een hulptroep van het bezettingsleger beschouwde. Hierover rezen spanningen. Dat het door VOS afgedwongen wervingsmonopolie werd uitgehold, leidde begin 1942 tot een crisis, waarna VOS zich terugtrok uit de werving. In De Vos verschenen sporadisch nog wel oproepen en De Feyter bleef de belangenbehartiging van de wachters op zich nemen. Ge kunt uw mensen toch niet in de steek laten? Na de bevrijding bleef hij nog twee maanden verder werken op het secretariaat, tot hij in november 1944 werd aangehouden. In 1945 zou hij worden terechtgesteld. De andere oud-strijdersverenigingen waren hun meest geduchte concurrent kwijt.

Na de Tweede Wereldoorlog

Na de geallieerde intocht werd VOS wegens medewerking met de vijand vervolgd. Een vijftal leden die niet bij de collaboratie betrokken waren, stichtte op 14 juni 1945 het Nieuw Verbond der Vlaamse Oud-strijders (NVVOS). Het ledenaantal was echter fors gedaald tot 2000. Pas vanaf 1947 kwam de lokale werking stilaan terug op gang, mede door haar aandeel  in de redding van de IJzerbedevaart. Vanaf toen werd opnieuw krachtiger Vlaamse taal gesproken over amnestie en federalisme.

Rond 1970 verschoof de klemtoon naar de lokale uitbouw en het voeren van een actieve rol in het Vlaams Actiecomité voor Brussel en Taalgrens en in het Overlegcentrum van Vlaamse Verenigingen, waarvan de spreker hier tegenwoordig lid is van het Dagelijks Bestuur. Ten tijde van het Egmontpact (1977) nam VOS omwille van de Godsvrede geen positie in, maar pleitte voor een zelfstandig, democratisch Vlaanderen.

Vanaf 1970 begon VOS zich meer als een vredes-vereniging te profileren, kantte zich tegen de atoombewapening, en pleitte voor wereldvrede door controleerbare algemene ontwapening. Zolang deze niet verzekerd was, bleef men landsverdediging nodig achten. Toch deed VOS niet mee aan de anti- raketbetogingen van de jaren 1980. De leden konden vrij hun keuze bepalen.

Dat is typerend voor VOS. Terwijl de andere vredesverenigingen en vredesbewegingen zich voornamelijk op vredesgebied bewegen, bevindt VOS zich op het kruispunt van Vlaanderen en Vrede.

Rond de eeuwwisseling kende VOS een moeilijke financiële periode. Dank zij de inzet van vele personen werd deze situatie rechtgezet.

In januari 2000 werd VOS erkend als sociaal-culturele vereniging voor volwassenenwerk en manifesteert het zich als VOS Vlaamse Vredesvereniging.

Hierbij steunt VOS in eerste instantie op zijn talrijke plaatselijke afdelingen, die provinciaal zijn gegroepeerd, maar neemt ook initiatieven op Vlaams niveau. Ze werken daarbij graag samen met iedereen die de Missie van VOS onderschrijft.

Als Vlaams-bewuste en vredelievende bruggenbouwer in Vlaanderen en Europa en als oudste vredesorganisatie in Vlaanderen ijvert VOS in haar Missie voor de uitvoering van de drie pijlers van het ‘IJzertestament’: ‘Nooit Meer Oorlog’, ‘Godsvrede’ en ‘Zelfbestuur’ .

‘Godsvrede betekent voor VOS dat alle onderlinge twisten tussen de Vlaamsgezinden moeten gestaakt worden om samen te werken aan een gemeenschappelijk hoger doel: zelfbestuur en wereldvrede.’

Het Bestuur vergadert 12 keer per jaar. De voorzitter zorgt ook voor de tussentijdse opvolging in samenspraak met het Dagelijks Bestuur. Veel van deze contacten verlopen tegenwoordig digitaal of per telefoon.

Ons tijdschrift De Vos verschijnt 10 keer per jaar. Hierin wordt naast berichtgeving over allerhande VOS-activiteiten ook de brede maatschappelijke actualiteit in het verlengde van de Missie van VOS behandeld.

De e-VOS geeft ons de mogelijkheid om door het internet veel sneller informatie te kunnen doorgeven en versterkt onze werking naar buiten uit door een maandelijkse berichtgeving en de mogelijkheid om zonder veel moeite extra berichten te verzenden.

Jaarlijks nemen we deel aan het Zangfeest en 11-juli herdenkingen; wij organiseren een gedichtenwedstrijd met een Vredespoëzieprijs; wij helpen mee aan het onderhoud van de heldenhuldenzerkjes op de graven van de gesneuvelde Vlaamse soldaten; organiseren plaatselijke 11-november-herdenkingen voor de slachtoffers van alle oorlogen; op facebook en onze webstek brengen wij via VOS Digitaal voor Vlaanderen de Vlaamse geschiedenis op een laagdrempelige manier terug tot leven, speciaal gericht tot de jeugd. In de geschiedenislessen komt deze materie veel te weinig aan bod. De periode 14-18 gaf ons de gelegenheid om de gesneuvelde IJzersymbolen in de schijnwerpers te zetten.

Wij willen verder niet dat er atoomwapens gebruikt worden, wel ijveren wij voor een Ministerie voor Vrede. Dit project willen wij uitbouwen als een labo-rol in het Beleidsplan voor de periode van 2021-2025. Maar dat is stof voor de volgende toespraak.

 

Toespraak van algemeen voorzitter Ivo Coninx
ter gelegenheid van de ledendag 100 jaar VOS
8 september 2019, Salons Saint Germain, Diksmuide

 

 

 

 

 

Geef een reactie